Nieuwsbrief 9

1 oktober 2005

 

 

 

Redactioneel

Nog geen abonnement op deze nieuwsbrief? Meld je aan bij www.gedachtenuitpluizen.nl Registreren is gratis. Als u de nieuwsbrief als documentfile ontvangt kunt u de links volgen door de Ctrl toets ingedrukt te houden en de link aan te klikken.

 

Stuur deze nieuwsbrief door naar mogelijk geïnteresseerde anderen (Forward)

Bedankt.

 

In deze nieuwsbrief worden twee artikelen besproken een die net gepubliceerd is (Laroi & Van der Linden, 2005) en de ander die ter perse is (Broome et al., 2005). Heet van de naald dus! Het eerste artikel gaat over wat nu eigenlijk een psychose veroorzaakt en het tweede artikel gaat over hele vroege interventie bij mensen met een prodromale psychose en mensen die een groot risico lopen (at risk mental state; ARMS). Dit is het OASIS project waarbij Lucia Valmaggia, onderzoekscoördinator is.

 

Wat veroorzaakt het begin van de psychose?

In de afgelopen 20 jaar is het duidelijk geworden dat schizofrenie een neuronontwikkelingsstoornis is. In hoeverre er sprake is van progressie na het begin van de ziekte is nog ter discussie. De neuropsychologische data laten geen verder verval zien, terwijl neuro-imaging studies toch enig progressie tonen bij de afname van het totale hersenvolume en de toename van het derde ventrikelvolume.

Het eenvoudige neuro-ontwikkelingsmodel is echter niet in staat om een groot aantal aspecten van schizofrenie te verklaren, waaronder het tijdstip waarop de psychose uitbreekt en de aard van de abnormale percepties. Verder weten wet niet waarom een deel van de bevolking vreemde ervaringen heeft, maar geen psychose ontwikkelt, terwijl anderen en prodromale fase ingaan, waarvan weer een kleiner deel uiteindelijk zich ontwikkelt tot een schizofrenie. Het neuro-ontwikkelingsmodel moet aangevuld worden met een sociaalpsychiatrisch en cognitief model om de complexiteit van het uitbreken van schizofrene goed te kunnen beschrijven en verklaren.

Genen en vroege ontwikkelingsstoornissen tijdens de zwangerschap en in de kinderjaren leiden tot problemen bij de normale ontwikkeling van de hersenen. Een deel van de hoogrisico kinderen wordt gekenmerkt door een trage ontwikkelingsgang en het ontstaan van cognitieve en emotionele problemen. Omgevingsfactoren die bijdragen aan het ontwikkelen van schizofrenie zijn: opgroeien in een stad, sociale isolatie, migratie. Daarnaast zijn er nog andere factoren zoals cannabisafhankelijkheid, alcoholafhankelijkheid, laag IQ, weinig onderwijs, victimisatie, seksueel misbruik, stressvolle gebeurtenissen en neurotische symptomen. Vooral de aanwezigheid van een emotionele stoornis bepaald of de overgang van minimale symptomen naar een psychotische stoornis wordt gemaakt.

 

De biologie en psychologie van de psychose. Psychose bestaat vooral uit het leggen van betekenis connecties tussen gebeurtenissen die in tijd samenvallen, maar niet noodzakelijkerwijs iets met elkaar te maken hebben. Ontregeling van mesolimbische dopamine is daar verantwoordelijk voor. Deze dopamine wordt normaal gesproken gereguleerd door input uit de hippocampus. Mogelijk zijn er beschadigingen in de hippocampus waardoor een deregulering van de dopamine in het mesolimbisch systeem plaats vindt. Laruelle sprak over dopamine als de wind van het psychotische vuur. Het is de dopamine die een neutrale stimulus voorziet van betekenisvolheid en een positieve of negatieve emotionele waarde. Het individu zal dus bijzondere aandacht aan de stimulus besteden. In samenspel met de amygdala wordt normaal gesproken de emotionele balans gevonden. Dus de hippocampus houdt de aandacht gericht op een taak en plaatst de huidige omgevingsstimuli in de context van eerdere ervaringen.

 

Welke zorg werkt?

Het kenniscentrum schizofrenie, het post academisch onderwijs en de schizofrenie stichting Nederland organiseren een groot congres op 24 november van dit jaar. Het heeft een zeer breed programma en zal de agenda voor de komende jaren neerzetten. Eindelijk weer eens een groot en betaalbaar congres in Nederland. Klik hier of op het plaatje voor meer informatie.

 

 

Metacognities bij mensen die ‘prone’ zijn voor hallucinaties en wanen

Een groep van 296 studenten aan de universiteit zijn onderzocht met de Launey-Slade Hallucinations Scale, de Peters Delusion Inventory en Metacognitions Questionnaire. De LSHS score correleerde significant (r=0.48; p<0.0001) met de totale PDI-21 score (referentie Laroi). De tendens te hallucineren gaat dus sterk samen met het ontwikkelen van waanideeën. Hallucinaties werden voorspeld door negatieve gedachten over de oncontroleerbaarheid en gevaarlijkheid van de eigen gedachten en positieve opvattingen over piekeren. Wanen werden voorspeld door negatieve gedachten over de oncontroleerbaarheid en gevaarlijkheid van de eigen gedachten, positieve opvattingen over piekeren en negatieve opvattingen m.b.t. bijgeloof, straf en verantwoordelijkheid.

Als in meer detail werd gekeken bleek verschillende wanen door verschillende metacognities voorspeld werden. Achterdocht en achtervolgingsideeën en paranormale geloven werden voorspeld door positieve opvattingen over piekeren en de oncontroleerbaarheid en gevaar van de eigen gedachten. Denkstoornissen, jaloezie en grandioze ideeën werden voorspeld door cognitief zelfvertrouwen. Religieuze ideaties, betrekkingsideeën en schuldwanen werden voorspeld door opvattingen over bijgeloof, straf en verantwoordelijkheid. Deze verbanden zijn tamelijk ingewikkeld en moeilijk te onthouden. De publicatie verdiend het om zelf eens in het geheel na te lezen.

 

Referenties

Broome, M. R., Woolley, J. B., Tabraham, P., Johns, L. C., Bramon, E., Murray, G. K., et al. (2005). What causes the onset of psychosis? Schizophrenia Res, 79(1), 23-34.

Laroi, F., & Van der Linden, M. (2005). Metacognitions in proneness towards hallucinations and delusions. Behav Res Ther, 43(11), 1425-1441.