Door Eva Tolmeijer

We weten dat CGTp niet voor iedereen werkt en dat er grote verschillen zijn in hoeverre mensen positieve effecten ervaren.

Dit is niet verrassend gezien de heterogeniteit van de groep mensen die CGTp ontvangt. Mensen hebben uiteenlopende klachten die op verschillende manieren zijn ontstaan en hun leven op verschillende manieren beïnvloeden. Echter worden de effecten van CGTp op individueel niveau gemaskeerd in gerandomiseerde trials die kijken naar pre- en post- effecten op groepsniveau. Door te kijken naar individuele CGTp trajecten kunnen we de diversiteit aan verandertrajecten beter gaan begrijpen.

Een voorbeeld van de waarde van kijken naar individuele verandertrajecten is de studie naar verandertrajecten binnen het Feeling Safe Programma. Zij vonden dat mensen met een zeer sterke gevaarovertuiging net zo goed kunnen profiteren van therapie als mensen met een minder sterke overtuiging. De therapie duurt alleen wat langer. Dit soort inzichten kunnen bijdragen aan het maken van beter geïnformeerde keuzes gedurende therapie.

Het huidige onderzoek wilde zich verder verdiepen in individuele CGTp verandertrajecten door

  • Subgroepen te onderscheiden in individuele CGTp trajecten
  • Variabelen te identificeren die samenhangen met de verschillende trajecten.

Voor het onderzoek werden wekelijkse sessiescores gebruikt van 108 mensen die CGTp ontvingen in twee poliklinieken in Duitsland. Het aantal sessies dat mensen ontvingen varieerde van 1 tot 90 met gemiddeld 32 sessies. 54% kreeg 25 sessies of minder en 46% kreeg 30 tot 90 sessies (waarvan 19 mensen meer dan 49 sessies kregen).

Statistische modellen werden gebruikt om subgroepen te identificeren op basis van de eerste 25 sessies. Nadat de verschillende groepen geïdentificeerd waren kon er worden gekeken of de individuele CGTp trajecten binnen deze groep voorspeld konden worden door client of context-variabelen.

Er werden drie groepen gevonden voor symptomatisch herstel (wekelijkse scores op algemene psychopathologie):

  • Herstelgroep (50.6%): matige klachten die snel verminderden tussen sessie 1 en 13 en daarna stabiel bleven
  • Geen-herstelgroep (39.6%): weinig klachten die ook niet significant veranderden
  • Reboundgroep (9.9%): veel klachten die initieel wat (niet-significant) verbeterden gevolgd door daarna weer een klachtentoename.

Er werden twee groepen gevonden voor psychologisch herstel (wekelijkse scores met betrekking tot het kunnen omgaan met dagelijkse problemen, ervaringen zoals stemmen en emoties):

  • Herstelgroep (67.6%): initieel matig in staat om met problemen, ervaringen en emoties om te gaan maar dit veranderde significant gedurende therapie
  • Geen-herstelgroep (32.4%): initieel weinig coping vaardigheden en hierin ook geen verbetering of verslechtering.

 

  • Bijna iedereen (90%) die in de symptomatische herstelgroep zat behoorde ook tot de psychologische herstelgroep.
  • Andersom was dit anders, 64% van de mensen in de psychologische herstelgroep zat ook in de symptomatische herstelgroep.
  • Ook zat de helft van de mensen in de symptomatische geen-herstelgroep wel in de psychologische herstelgroep.
  • Hogere scores op psychoseklachten, verminderd functioneren en een langere duur van de problemen waren geassocieerd met de reboundgroep.
  • Mensen in de herstelgroep behoorden niet tot de best functioneerde groep of de groep met de minste klachten.

Dit onderzoek draagt bij aan een beter begrip van individuele CGTp verandertrajecten. Het laat zien hoe veranderprocessen op het gebied van klachtgericht en psychologisch herstel verschillend kunnen verlopen en dat verminderd functioneren en ernstige klachten geen barrière hoeven te vormen voor het kunnen profiteren van CGTp.

Ludwig L, Frantz I, Bracker J, Wittkamp M, Jung E, Wiesjahn M, Grund S, Lincoln TM. Trajectories of change within cognitive behavioral therapy for psychosis. Schizophr Bull. 2026 Jan 16;52(1):sbaf150. doi: 10.1093/schbul/sbaf150.

Artikel